Uluwatu, Kuta - Bali

Uluwatu, Kuta

Bali

Padang Padang

The booming surf country. Ik land in Bali en word meteen in de drukte van het eiland gegooid. Ik ben op weg naar Batu Bolong in Canggu. Er is een traffic jam, waardoor we twee uur doen over een afstand van amper 30 kilometer. Het verkeer is hectisch en chaotisch, maar op een of andere manier toch onlogisch praktisch en behoorlijk galant. We passeren Kuta, Legian en Seminyak voordat we Canggu bereiken. Scooters slalommen tussen de auto’s, en aan de zijkant van de brommertjes is vaak een surfplank geïnstalleerd. Aan de verkeerslichten lijkt het wel een zwerm wespen die bij groen licht ten aanval trekken. We rijden voorbij grote surfshops en tempels, surfwaxwinkels en straatoffers. Midden op een kruispunt in Canggu legt een Balinese vrouw een offer neer. Ze besprenkelt het voedsel met water en laat wierook branden. Het verkeer rijdt om haar heen met meer respect dan voor een agent. Op het einde van de straat ligt het bekende Old Man’s restaurant, compleet met parking, tempel en lokale surfboard rentals. Het is een mengelmoes van kooks en gevorderden. Ik fotografeer de lokale en bekwame surfers, die wat bijverdienen als surfleraar voor toeristen wanneer de golven matig zijn. 

MOCH 'BONGKY' FIRMAN, soul surferJakarta, Java, Indonesia ©Stephan Vanfleteren
MOCH 'BONGKY' FIRMAN, soul surfer
Jakarta, Java, Indonesia ©Stephan Vanfleteren

We hebben een afspraak met Rizal Tandjung, de godfather van de Balinese surf. Ik ben ruim op tijd op de plaats van afspraak, de epische surfspot Padang Padang. De moeilijkste maar mooiste golf in Bali. Van horen zeggen, uiteraard. Ik zie inderdaad krachtige golven met prachtig tubes. Het is de eerste maal op deze tocht dat ik een golf zo mooi zie krullen. Het is behoorlijk rustig op het strand, buiten enkele grijze apen die rondhangen en mijn fototas willen inspecteren om te zien of er iets eetbaars in zit. Maar plots komen de surfers van overal. Het wordt mid tide en de surfkoorts stijgt. Rizal komt er ook aan. Hij kijkt naar de zee en zegt: “Oooh, a little low.” Nou, wat moet dat dan zijn wanneer het “a little high” is? Hij is niet alleen, hij heeft zijn schoonbroer meegebracht. Marlon Gerber, zoon van een Zwitserse hippie die in de jaren zeventig in Indonesië beland is en daar de liefde en het land van zijn leven gevonden heeft. Marlon is een bekende plaatselijke Hurley rider. 

RIZAL TANDJUNG, surf legend/pro surfer/surf iconKuta, Bali, Indonesia ©Stephan Vanfleteren
RIZAL TANDJUNG, surf legend/pro surfer/surf icon
Kuta, Bali, Indonesia ©Stephan Vanfleteren

Er is ook nog een blanke man mee – hoewel je de term blank niet echt kan gebruiken vanwege de kleurrijke inkten van de tattoos die zijn lichaam bedekken. It’s fucking Christian Fletcher! Onconformistisch, hardcore man, skater en punksurfer. Hij is een telg uit een bekende surffamilie, de Fletchers. Vader van skater/surfer Greyson Fletcher, zoon van Herbie Fletcher en broer van big wave surfer Nathan Fletcher. Christian was ooit een supertalent, maar hij haatte de stress van het competitiesurfen. Hij is een voorbeeld voor vele kampioenen en was de pionier van areals nog voor Medina en Toledo geboren waren. Een progressieve surfer die in de overcrowded spots langs iedereen heen surft. 

Christian Fletcher is de ware punker van de oceaan. Hij surft met een hanenkam, een helm met koehoorns of een vest met metalen pinnen. Sid Vicious on water. Ik kende hem – zelfs zonder het te weten – van een foto van Annie Leibovitz, de bekendste portretfotografe uit de VS. Op die foto staat hij als jonge surfer, helemaal blauw geschilderd, met zijn surfboard naast Malcolm McLaren (manager van de Sex Pistols) te poseren onder de naam Blue Boy. Hij dus, Christian Fletcher. Hij staat te roken terwijl hij een nasi goreng bestelt bij een kraampje op het strand. Ik fotografeer Rizal en Gerber, waarna ik vraag of hij geen zin heeft. “No man, I have to shave and my hair isn’t …” De crazy mother fucker waxt zijn surfboard en gaat met een volle maag Padang Padang op. Nasi goreng in the tube. Het zal niet mijn laatste ontmoeting met hem zijn.

Punk Surf legend: Christian Fletcher

Er is de befaamde Rip Curl-surfwedstrijd in Padang Padang. “Waiting period: 6 weeks.” Zestien internationale topsurfers en zestien Indonesiërs. De spreuk van de contest is: ‘It’s on when it’s on.’ En dat mag je letterlijk nemen, want het is moeilijk voorspelbaar. De wedstrijd wordt in één dag afgewerkt en de golven moeten van extreme topkwaliteit zijn. Voordat er een geschikte swell aankomt, worden topsurfers naar Bali gevlogen. 

Dit jaar staat Tom Curren als grootste naam op de tabel. Curren wordt door de meesten als de op twee na beste surfer aller tijden beschouwd, na Kelly Slater en Gerry Lopez. In de jaren tachtig en begin jaren negentig domineerde hij de competitie met zijn nieuwe, agressieve stijl. Tot een jonge kid uit Florida kwam, Kelly Slater genaamd.

Top 5 Moments in Event History | 2017 Rip Curl Cup Padang Padang

Ook Bruce Irons is aanwezig, broer van de betreurde Andy Irons. Andy was de grote uitdager van Kelly Slater, er bestond een epische rivaliteit tussen hen, maar hij kwam op een dramatische manier veel te jong aan zijn einde. Drugs, hotelkamer, lichaam…. Een shock die iedereen in de surfwereld raakte en die de mensen nog altijd beroert.

Je ziet nog overal ter wereld zijn afbeeldingen opduiken. Als graffiti op bunkers in Landes, op betonmuren langs een autosnelweg nabij Trestles, op T-shirts aan Venice Beach... De broers Irons, afkomstig uit Hanalei Bay in Hawaï, zijn een begrip in de surfwereld. Twee knappe mannen die ook door fotograaf Bruce Weber werden ‘vastgelegd’. En als dat gebeurd is, wil dat iets zeggen over je looks en charisma.

Remembering Andy Irons, surf legende 

Ozzie Wright, eigenlijk beter bekend als Ozzie Wrong, is een geniale Australische surfer, skater en kunstenaar. Lak aan competitie, freedom rider, love artist en bandlid van de surf-punkrockgroep Goons of Doom. Een enfant terrible maar zacht, vriendelijk en goedlachs. Er bestaat een geweldige foto van hem in de zee. Neen, niet een spectaculair actieshot, maar een foto waar je de tekst kan lezen op de rug van zijn surfboard: ‘Too fast for Satan.’ Een machtige zin. Later zie ik de originele plank tegen een muur hangen in het designhotel The Slow van zijn buddy George. ‘Too fast for Satan’ in The Slow, een mooie contradictie.

Ik fotografeer Ozzie en Bone, zijn medemuzikant van Goons of Doom. Ze gaan met hun twee door Ozzie beschilderde planken Padang Padang op. Op de surfplanken staan een doodskop, een fluoplaneet gecombineerd met zwart en de vijf woorden ‘Surf for love and peace’. Anderhalf uur later zijn ze terug met… elk een gebroken board. Geen verdriet, het is maar collateral damage. 

OZZY 'WRONG' WRIGHT, pro surfer/artist/filmmaker/musicianSydney, New South Wales, Australia ©Stephan Vanfleteren
OZZY 'WRONG' WRIGHT, pro surfer/artist/filmmaker/musician
Sydney, New South Wales, Australia ©Stephan Vanfleteren
This Is Ozzie Wright

Die jongens gaan all the way. Ik vraag hoe dat klinkt, wanneer een board breekt. “Wel, er is zoveel lawaai rondom je, maar je hoort het wel en je weet het ook.” Ik fotografeer ze nogmaals, nu met de vier brokstukken. Daarna komen andere surfers aan de beurt, onder wie de laatste winnaar van de Rip Curl-wedstrijd in Padang Padang: de local Semadhi.

Wanneer ik die avond als een van de laatsten het strand van Padang Padang verlaat, zie ik een van de gebroken boards tegen de rots staan. Op een manier zoals je soms ook wel een meubelstuk langs de kant van de weg ziet staan, met een bordje ‘free to take’ erbij. Hier ontbreekt het bordje, maar ik twijfel niet. Dat beschilderde, gebroken kunstwerk gaat mee naar het thuisland. Een kunstwerk van Ozzie laat je niet achter. Het board hangt nu aan de muur van mijn surfende kinderen, aan de andere kant van deze blauwe planeet dan waar de plank beschilderd is.

MEGA SEMANDHI, pro surferPecatu, Bali, Indonesia ©Stephan Vanfleteren
MEGA SEMANDHI, pro surfer
Pecatu, Bali, Indonesia ©Stephan Vanfleteren

‘It’s on when it’s on’ en dat heb ik geweten. Voorspellingen van swell, van code rood naar code oranje, van probablies tot maybes, en vele we don’t knows.Een surfwedstrijd heeft geen vooropgesteld uur zoals een voetbalwedstrijd. Het is de swell die beslist. Dit is een van de redenen waarom surfen niet doorbreekt op televisie: je kan het niet in een tijdslot steken. Er wordt gewerkt aan de artificiële golf, maar daarover later meer.

Het wordt nooit code groen. De wedstrijd gaat wederom niet door. Het gebeurt enkel wanneer de condities ideaal zijn, of, hoe ze het hier mooi omschrijven, epic. De faam wordt er zo enkel groter door.

Quiksilver-contest in Uluwatu

Later in de week organiseert Quiksilver een free contest ter bewustwording van het probleem van de pollutie van de stranden en oceaan. Een thema dat zeker in Bali niet overbodig is, maar evenmin in de rest van de wereld. De surfgemeenschap heeft dat al een tijdje door en het is bewonderenswaardig dat grote surforganisaties als WSL en Rip Curl daar ook een belangrijk punt van maken. Surfers zijn natuurlijk de nauwst betrokken ooggetuigen van het milieuprobleem in de oceaan. Ze zien het plastic, het afstervende koraal, de afkolvende stranden en ze merken dat haaien dichter en dichter aan shore op bezoek komen door de verstoring van hun jachtgebied. Surfers uit Huntington Beach, nabij Los Angeles, hebben soms ontstoken wonden vanwege de vuiligheid van de grootstad (lees: stront uit de riolering van LA) die in de oceaan geloosd wordt.

Maar terug naar de Quiksilver-contest in Uluwatu. Een favoriete surfspot van vele topsurfers met een liefde voor ‘vette’ golven. Op de kliffen is het een heerlijk gezicht. Je ziet de set golven al van ver opdoemen, in colonnes als een leger. De ‘traagbrekende’ golf is een streling voor het oog, ook voor niet-surfers. Het cliché dat iedere golf anders is, wordt snel bevestigd. Iedere golf is even identiek als een vingerafdruk. Op de klif heb je daar een bijna mathematisch bewijs voor. De ene golf breekt wat vroeger, de andere wat meer links, de volgende krult wat beter… Het is zoals naar vuur of een sterrenhemel kijken, je krijgt er nooit genoeg van. Het is een aanbevolen, gezonde verslaving.

De rotsen lijken op de zijbeuken van een gotische kathedraal met de aanbeden golf als altaar.

In Uluwatu moeten de surfers langs een trapje tussen de hoge, steile rotsen naar beneden. Bij hoogtij is er zelfs geen zand te zien. De rotsen lijken op de zijbeuken van een gotische kathedraal, met de aanbeden golf als altaar. Viervoudig wereldkampioen Mark Richards omschrijft het gevoel tussen die rotsen in het water als iets religieus. 

Ik fotografeer de local heroes, die de plaats als hun broekzak kennen. Ze surfen amicaal tegen onder meer Tom Carroll, Ozzie Wright, Matt ‘Mad’ Hoy en Simon Anderson. Mark Richards stond ook op de tabel, maar rugklachten beletten hem zijn deelname. Ik fotografeer hem op de klif van Uluwatu, en ik moet hem helpen om zijn T-shirt af te doen. Hey, wie kan dat zeggen, dat hij de torso heeft helpen ontbloten van Richards, de surf champ van eind jaren zeventig en begin jaren tachtig!

MATT HOY, surf legend/pro surferMerewether, New South Wales, Australia©Stephan Vanfleteren
MATT HOY, surf legend/pro surfer
Merewether, New South Wales, Australia
©Stephan Vanfleteren
MATT HOY, surf legend/pro surferMerewether, New South Wales, Australia©Stephan Vanfleteren
TOM CARROLL, surf champion/surf legend
Newport, New South Wales, Australia
©Stephan Vanfleteren
Mid 70's surf heroes Shaun Thompson and Mark Richards

Ook Bruce Irons staat op de tabel, maar hij komt niet opdagen. Ongrijpbaar en onverspelbaar. Een buitenkans om hem te zien surfen en te fotograferen gaat aan mij voorbij.

Fotograferen is net zoals surfen: je moet met je gemiste kansen leren leven. Maar de lichte ontgoocheling wordt goedgemaakt door een van de mooiste en liefste mensen die ik voor dit project mocht fotograferen. Made Switra, een lokale held maar een en al zachtheid en bescheidenheid. Ik spreek hem aan en vraag of ik hem mag fotograferen. Het mag, maar na zijn heat. Er is maar één weg van boven op de rots naar beneden in de zee, dus ik stel me strategisch op, zodat ik hem niet kan missen. Zijn heat is gedaan en hij heeft zijn tegenpartij verpletterd. De ontgoochelde tegenstanders klauteren langs me op het steile betonnen muurtje naar boven. Alleen Made Switra is nergens te bespeuren. Is er dan toch een andere, geheime weg? Was dit een loze belofte van een surfer?

Twee uur later zie ik een vrolijke man naar boven wandelen. Made heeft nog wat gefreesurft na zijn wedstrijd. Het geluk van de man straalt af van zijn gezicht. “Ja”, vertelt hij mij. “Het gebeurt zo zelden dat je deze plaats voor jou alleen hebt door de wedstrijd. Ik surfte wat verder op de break waar niemand was. Het was zoals 25 jaar geleden, toen Bali nog geen surfmekka was. Toen surfte ik ook helemaal alleen, soms met een paar vrienden, maar dat was het. Het surftoerisme bestond hier nog niet.”

Hij vertelt dat hij eerst visser is, dan surfer en dan kunstenaar. Hij is de zoon van een visser, die later een belangrijke priester is geworden. Tussen zijn zes en acht jaar is Made driemaal bijna verdronken. Hij wou altijd verder en dieper de zee in. Eenmaal was hij zelfs bewusteloos. Bij zijn thuiskomst werd hij opgesloten door zijn vader in een mand en werd hij met een gedroogde visstaart tot vervelens toe geslagen. “Het was vreselijk, maar ik ben hem daar nu, vele jaren later, dankbaar voor. Het heeft mij sterk en bewust gemaakt. Ik heb leren surfen op een kapotte surfplank van Gerry Lopez, die hij had achtergelaten. We waren met vijf vrienden en gebruikten de plank elk om de beurt. Zo heb ik leren surfen. Ik herinner me nog de bliksem op het beschadigde surfboard. Ook later ben ik bevriend gebleven met Lopez. Ik mocht zelfs in zijn huis aan Pipe logeren toen ik naar Hawaï ging. Hij liet ook wat planken achter in Bali wanneer hij terugging naar de VS. Ik kon dan op zijn superplanken surfen. Dat was een onbetaalbaar cadeau voor een visser zoals ik. Wanneer ik in zijn huis aan Pipe verbleef, dan zei hij: ‘Ga naar de derde verdieping, kijk naar de zee en als je het rif ziet blootliggen, ren dan naar beneden. Kijk niet om, peddel de zee in en surf Pipe af’.” 

“Ik zie aan de manier hoe men surft welk karakter men heeft.”

Made Switra woont nog in Kuta, in een huis waar je de vliegtuigen vol toeristen kan zien opstijgen. Kuta is veranderd. Made surft op plaatsen die weinigen kennen, en ook op uitzonderlijke momenten. “Heel vroeg, heel laat of zelf ’s nachts met maanlicht. Je ziet de golf dan wel minder goed, maar je voelt ze beter. Uiteindelijk is dat het belangrijkste. It’s the feeling. Padang Padang is de allerfijnste golf. Verraderlijk maar heerlijk. Ik was waarschijnlijk een van de eersten die met laag water op deze golf surfte. Dan is de tube, met zijn overkoepelende water, zo fijn als een blad papier. Zuiver en mellow maar wel heel ondiep. Als je een fout maakt en je hebt een wipe-out, beland je op de rotsen. In het begin droeg ik een helm bij laag water, maar na een tijdje kende ik de golf goed genoeg en liet ik de helm thuis. In Padang Padang moet je de eerste of de tweede golf van de serie nemen, bij de derde heb je in de tube al last van het terugkabbelende water en kan je minder mooi glijden. Ik ben een paar keer op de rotsen gegooid en ben zelfs soms op de vrijgekomen rotsen moeten vluchten voor de volgende brekende golf.

Mijn techniek was dan om met de rug naar de golf te staan en me te laten optillen. Ongedeerd geraak je er nooit uit maar wel levend, en dat is het voornaamste. Eén keer heb ik me zo klein mogelijk moeten maken toen ik gevallen was en op de rotsen gesukkeld was. Ik heb mezelf in een bolletje gekruld en heb me met mijn handen zo hard mogelijk vastgehouden aan de rotsen, mijn adem ingehouden en gewacht op de impact. Alleen mijn teen heb ik ooit gebroken, maar dat was mijn eigen stomme fout. Met vrienden hadden we op het strand van Padang Padang te veel biertjes gedronken. Tot een vriend al in een behoorlijk beschonken toestand zei: ‘Kom, laten we gaan surfen met laagtij.’ ‘Ja, let’s go’, zei ik. Uiteindelijk was het voor hen een grap, maar niet voor mij. Ik ging surfen. Daar raakte mijn voet geklemd in een rotsopening en zo is mijn teen gebroken, toen de inslag van het water kwam. Drie maanden heb ik thuis gezeten. Neen neen, niet naar het ziekenhuis.” Ik kijk naar zijn teen en zie dat hij niet in een normale positie staat. Maar dat belet deze man niet om te surfen als een engel. “Ik zie aan de manier hoe men surft welk karakter men heeft.” Wel, als je Made Switra hebt zien surfen, dan weet je met zijn theorie wat voor een goede en oprechte man hij is. 

De Quiksilver Uluwatu Contest won hij tegen gedreven en verbeten jonge Balinese krijgers, die er alles aan doen om aan de top te geraken. Maar de relaxte Made Switra surfte iedereen naar huis. Geen stress bij hem, wel een glunderend lachje en veel plezier.

Hij betekent veel voor de Indonesische surfwereld en wordt gerespecteerd door de groten der aarde op surfgebied. Hij kende de broers Irons al van toen ze jong waren en wist toen al dat die twee heel groot gingen worden. “Ik was verdrietig toen ik hoorde dat Andy gestorven was, maar zijn spirit is nog hier. Gerry Lopez ken ik nog altijd en ik ben goed bevriend met Stephanie Gilmore. Soms komt ze in mijn huis slapen als ze in Bali is. Dan gaan we samen surfen, soms zelfs naar Sumatra. Ze is zo cool en goed. Als ze relaxed is, is niemand beter.”

Ik vraag of hij de originele plank van Robert Koke van in de jaren dertig nog heeft. “Verdorie, hoe weet jij dat? Ik heb er eigenlijk twee. Eén zeer goed verstopt, waarvan er maar een paar mensen weten waar hij ligt, en de andere ligt bij mijn thuis. Wil je ze zien?”

MADE SWITRA, surf legend/fishermanKuta, Bali, Indonesia & surfboard van Robert Koke©Stephan Vanfleteren
MADE SWITRA, surf legend/fisherman
Kuta, Bali, Indonesia & surfboard van Robert Koke
©Stephan Vanfleteren

De volgende dag ben ik bij hem thuis. Zijn schilderijen, drifthout en hier en daar een foto van hem hangen aan de muur. In de tuin staan twee tempels.

Hij haalt de plank, in karmijnrood geschilderd. Waarschijnlijk had Koke meerdere planken, maar die zijn verloren gegaan. (portret Made Switra) Deze heeft Made gevonden op zolder, waarschijnlijk werd ze door zijn grootvader als chopboard gebruikt om vis te kappen. De plank is in veilige handen. Voor geen geld van de wereld is ze te koop. “Het is een geluk dat ik de plank heb kunnen redden. Mijn grootvader was niet alleen visser, maar hij repareerde ook vissersboten. Het had niet veel gescheeld of het board was gebruikt geweest om een gat in de romp te dichten.”

Ik voel aan het board. Bovenaan is er een beschadiging, het gewicht valt mee. Geen vin, noch leash. Gewoon een plank met een afgeronde top en een afgesneden kont.

Daarmee is het dus begonnen. Met een Amerikaan, die op deze plank de golven afsurfte. Vissers van het toen nog ontiegelijke vissersdorpje Kuta hadden nog nooit iemand op de golven zien staan. Balinese vissers kunnen goed vissen maar minder goed zwemmen, laat staan op de golven ‘wandelen’. In Indonesië was er blijkbaar niet die traditie zoals men die in Polynesië wel kende.

Made was de ideale man om Bali mee af te sluiten. Bij het begin van mijn terugreis kijk ik door het raampje van het vliegtuig, op zoek naar zijn huisje. Tevergeefs, nergens kan ik het tussen de kleine straatjes en grijze woningen vinden.

Kuta is geen vissersdorpje meer aan de jungle op het strand. Het is een betonnen, lawaaierige, drukke plaats geworden.

En ik heb de oorzaak van deze stadsjungle gefotografeerd: een stuk plat hout van twee meter lang waarmee een Amerikaan tachtig jaar geleden op de golven in deze baai gesurft heeft. Robert Koke zou Kuta niet meer herkennen. 

Kuta Beach Hotel met Robert Koke 
Kuta Beach Hotel met Robert Koke 

Surf Tribe, Het boek

De collectie SURF TRIBE is gebundeld in een nieuw fotoboek. Met meer dan 300 portretten van o.a. Kelly Slater, Gerry Lopez, John John Florence, Laird Hamilton, Bethany Hamilton, Greg Noll, Stephanie Gilmore, Mick Fanning, Joel Parkinson, Mickey Munoz, Filipe Toledo en Tom Carroll. 
Stephan Vanfleteren portretteert zowel jong talent als levende iconen en oude legendes, zowel competitiesurfers als freesurfers. In dit boek vind je geen actiefoto’s op azuurblauwe golven maar wel serene zwart-wit portretten in Vanfleterens bekende, beklijvende stijl. Deze beeldenreeks dringt door tot de ware kern van de surfcultuur: de liefde voor het water, de verslaving aan de golf, de passie voor de surf. 
Met een voorwoord door surflegende Gerry Lopez. 

Het boek is te koop in je favoriete boekhandel en via www.uitgeverijhannibal.be
Prijs: € 59

Surf Tribe, Het boek

Tentoonstelling Kunsthal

Vanaf 13 oktober tot en met 13 januari 2019.
Van dinsdag t/m zaterdag, 10 — 17 uur
Zondag, 11 — 17 uur

Museumpark
Westzeedijk 341, 3015 AA Rotterdam
Nederland

Tickets & info

Volwassenen : € 14
Jongeren t/m 17 jaar: gratis
CJP en studenten t/m 26 jaar: € 7

communicatie@kunsthal.nl
www.kunsthal.nl